Gedachten denken

- Denk ik dat ik besta?
- Kunnen moleculen denken?
- Zweven gedachten?
Gedachten: een bril waardoor men kijkt
Menselijk denken bepaalt de waarneming, verklaring en interpretatie. Onderwijs is gebaseerd op dit feit. Door talen te leren wordt de belevingswereld groter, studenten leren 'geografisch waarnemen', lessen in hygiëne leren onzichtbaar besmettingsgevaar herkennen enz.
Fig.1 Gedachten zijn als het ware een bril waardoor gekeken wordt.
Bijvoorbeeld, afhankelijk van het beroep van de waarnemer, zal figuur a. geïnterpreteerd kunnen worden als: b. braakbal van een uil, of c. gehaktbal

Kan materie denken?
Aan de vrucht kent men de boom. Een appelboom geeft appels, een perenboom peren, en paarden krijgen veulens. Materie komt van materie. Materieel iets produceert niet iets onstoffelijks zoals gedachten of informatie. Wel is het zo dat voor opslag en doorgifte van informatie, materie nodig is. De materie is dan een stoffelijke informatiedrager. Zoals een USB-stick een computerprogramma kan dragen. Zo zijn onze stoffelijke hersenen te zien als de dragers van de onstoffelijke gedachten.
Fig.2 Hersenen als informatiedragers

In de menselijke hersenen kunnen gedachten/emoties vastgelegd worden in een netwerk van koppelingen (synapsen) tussen  verschillende cellen. Dit is te vergelijken met het opslaan van muziek op een digitale drager.
Fig.3 De hersenen als gedachtendrager vergeleken met een CD die als digitale informatiedrager kan dienen voor opslag van immateriële muziek.

Wat is de oorsprong van gedachten?
Informatie en gedachten kunnen niet gewogen worden zoals stoffelijke materie. Het zijn onstoffelijke grootheden. Hoe ontstaan die onstoffelijke grootheden?  
Fig.4 A praat over een kanarie. Als B niet weet wat een kanarie is, hebben de woorden van A geen betekenis voor hem. Wanneer B wel weet wat een kanarie is, krijgt hij gelijke gedachten als A, dan krijgen de woorden van A betekenis voor B. De woorden van A zijn dan informatie voor B.

Wij kunnen onze gedachten 'verwoorden' en de woorden dragen de informatie over naar een ander die dan 'dezelfde gedachten' krijgt en begrijpt wat wij 'bedoelen'.
Onstoffelijke gedachten ontstaan dus door onstoffelijke informatie. De oorsprong van de allereerste gedachte zal ook onstoffelijk, onzichtbaar geweest moeten zijn.
Fig.5 Het doorgeven van informatiewoorden over een kanarie roepen de gedachte aan een kanarie op.

Die onzichtbare oorsprong zal creatief, zelfstandig denkend, moeten zijn en een eigen wil en bewustzijn moeten hebben.

Is de bron te herkennen?
Aan de muziek kan men de artiest, de oorsprong, herkennen, zonder deze te zien. Aan de reactie van iemand die luistert aan zijn mobiele telefoon kan men de geestelijke bron herkennen.
Fig.6 Een  geestelijke bron is te herkennen aan de uitingen.

De mens heeft blijkbaar een onzichtbaar ontvangststation in zich dat onstoffelijke informatie kan ontvangen die tot onstoffelijke gedachten leidt. Daarbij heeft de mens ook een eigen wil en is hij zich bewust van gevoel voor schoonheid en waarde.
Het complexe wezen mens heeft dus niet alleen een stoffelijk lichaam, maar ook iets onstoffelijks, onzichtbaars: gevoel, rede en bewustzijn, en een ontvangststation voor onzichtbare (geestelijke) informatie. Schematisch is dit voorgesteld in fig.7.
Fig.7 Door logisch nadenken kan men concluderen dat de mens bestaat uit een lichaam, een ziel en een geest.

Met een uitsluitend naturalistische visie, die de onzichtbare geestelijke werkelijkheid ontkent, kan men de geestelijke bron niet zien en is men zich niet bewust van de onzichtbare beïnvloeding.

Bijbelse visie
In het begin was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God.
En het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond (en wij hebben Zijn heerlijkheid gezien, een heerlijkheid als van de Eniggeborene van de Vader), vol van genade en waarheid.
Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in de schoot van de Vader is, Die heeft Hem ons verklaard. (Johannes 1:1,14,18)
God is Geest (Johannes 4:24).
Want het Woord van God is levend en krachtig en scherper dan enig tweesnijdend zwaard, en het dringt door tot op de scheiding van ziel en geest, van gewrichten en merg, en het oordeelt de overleggingen en gedachten van het hart. (Hebreeën 4:12)
Jezus zei: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als iemand niet opnieuw (van boven af) geboren wordt, kan hij het Koninkrijk van God niet zien. (Johannes 3:3)

W.Hoek                           printvriendelijke afdruk